curriculum.nu

Curriculumherziening voor Engels/MVT



Bij Curriclum.nu is men hard aan het werk om de contouren van de toekomst in beeld te brengen.

Curriculum.nu  betekent een belangrijke herziening van de kerndoelen van de onderbouw en eindtermen van het eindexamen van 2006, ook die van Engels en de andere moderne vreemde talen. 

Voor het  ontwikkelteam Engels/MVT is het in 2018 gepubliceerde ERK Companion Volume uitgangspunt voor


1) Doorlopende leerlijnen en samenhang.

2) inhoudelijke vernieuwingen en aanpassingen.

3) Transparantie en vergelijkbaarheid van taalniveaus.


De landelijke kerndoelen en eindtermen worden na 13 jaar aangepast. Samenhang, duidelijkheid en doorlopende leerlijnen zijn sleutelbegrippen in de nieuwe kerndoelen en eindtermen. Het gaat om wat leerlingen moeten kennen en kunnen.  Wat dit concreet betekent voor de moderne vreemde talen wordt in de komende jaren duidelijk.   Het ontwikkelteam Engels/MVT heeft zich in 2018 gebogen over de herziening van de ondertussen ‘verouderde' kerndoelen en eindtermen.

Enkele belangrijke aandachtspunten van het ontwikkelteam Engels/MVT Curriclum nu:

- aspecten van interculturele communicatie

- de plaats en functie van literatuuronderwijs in een herzien curriculum

- culturele en kunstzinnige vorming bij de persoonlijke ontwikkeling en taalverwerving van de leerling

Het ERK speelt een centrale rol In de  conceptvisie (okt. 2018):


Het Europees Referentiekader (ERK) is een raamwerk dat zes niveaus van beheersing beschrijft voor de verschillende taalvaardigheden. Het ERK dient als uitgangspunt om tot een gemeenschappelijk beschrijvingskader te komen voor zowel leerling als leraar. Het zorgt voor samenhang in de beschrijving van curricula voor alle moderne vreemde talen zowel in het primair als in het voortgezet onderwijs. Het gebruik van het ERK in het hele onderwijs zorgt bovendien voor transparantie en vergelijkbaarheid van de taalniveaus van de leerling binnen Europa en biedt inzicht in de doorlopende leerlijn. De uitwerkingen van de grote opdrachten van dit leergebied hebben het ERK in zijn geactualiseerde versie van 2018 als uitgangspunt genomen. 

JM: een zevende niveau is er bijgekomen: pre-A1, oftewel A0,5.

Onderaan deze pagina staat de integrale tekst.






Curriculum.nu en het ERK


Curriculum.nu gebruikt het ERK als een belangrijke uitgangspunt voor de herziening van het moderne vreemde talen curriculum. En ook voor doorlopende leerlijnen, transparatie en samenhang.  

 Concrete ERK aanbevelingen uit Visiestuk Levende Talen,  december 2017:


Leidraad voor de ERK bouwstenen 

• Het Europees Referentiekader (ERK) wordt formeel erkend door het ministerie van OCW bij het ingaan van het nieuwe curriculum en gaat voortaan gelden als leidraad bij het vastleggen van de gewenste taalniveaus in de kerndoelen en eindtermen.


• Er komen richtlijnen voor het schoolexamen (ontwerp, niveau en correctie), waarbij de streefniveaus zoals ontwikkeld door SLO leidend zijn. De schoolexamentoetsen worden in gezamenlijkheid nagekeken.

 

• Op de eindlijst moeten de bereikte resultaten bij vreemde talen weergegeven worden met een ERK-niveau-aanduidingen per taalvaardigheid.


• Bij toepassing op schoolniveau van het ERK wordt gebruik gemaakt van de door SLO ontwikkelde Taalprofielen (gevalideerd door de Raad van Europa), omdat hier per niveau en per taalgebruikssituatie praktische voorbeelden worden gegeven.

 

• Het ERK-taalniveau van vreemdetaaldocenten (onderbouw en vmbo) dient twee niveaus hoger te liggen dan dat van hun leerlingen.


 Curriculum.nl

 

BIJGESTELDE VISIE OP HET LEERGEBIED ENGELS/MVT, oktober 2018 

hieronder de volledige tekst 

Dit document beschrijft de visie op het leergebied Engels/moderne vreemde talen. In de visie worden de drie kerninhouden van het leergebied vanuit een drietal perspectieven beschreven. Hun benamingen zijn ten opzichte van de eerste versies aangepast op basis van de opbrengsten van de derde ontwikkelsessie in oktober. De tekst van de visie zal in de ontwikkelsessie van december weer onder de loep worden genomen en waar nodig aangepast voor een optimale aansluiting bij de herziene grote opdrachten. 

De visie beschrijft eerst de meerwaarde van het vreemdetalenonderwijs in het licht van de huidige maatschappelijke context, en voor het bereiken van de hoofddoelen van het onderwijs. Daarna worden de kerninhouden van het leergebied kort beschreven; ten slotte noemen we een aantal aspecten die een opbouw in het aanbod van de talencurricula mogelijk maken, met aandacht voor samenhang tussen de talen en met andere leergebieden. 

Waarom talen leren in het onderwijs? 

De leerlingen van nu groeien op in een meertalige en multiculturele samenleving. Ze zijn in hun dagelijks leven omringd door meerdere talen – denk aan video's, games, mensen op straat, contacten met de buurlanden, en later aan contacten met medestudenten, op stage of op de arbeidsmarkt. Daarnaast spreken veel leerlingen thuis een andere taal dan het Nederlands. 

Technologische ontwikkelingen volgen elkaar in rap tempo op. Daarbij zorgt de digitale technologie voor andere, vernieuwde, bredere en snellere vormen van internationale communicatie. In onze sterk veranderende en steeds meer internationaal georiënteerde maatschappij moeten leerlingen de banen van morgen nog ontdekken. 

Kennis van meerdere talen is onmisbaar geworden om actief deel te kunnen nemen aan de globaliserende maatschappij. Zonder talen vindt er geen internationale communicatie plaats. Talen maken de communicatie over de grens mogelijk; ze vergroten de wereld van de leerlingen en verbreden hun sociale en culturele horizon. Ze bevorderen begrip voor andere culturen en maken van leerlingen open en sociaal-cultureel bewuste individuen. Burgers met kennis van meerdere talen zorgen ervoor dat de Nederlandse samenleving zich naar de omringende en overige Europese landen kan richten, en naar de rest van de wereld. 

Het leren van een moderne vreemde taal biedt mogelijkheden voor: 

- persoonlijke ontwikkeling; 

- ontwikkeling van intercultureel begrip; 

- kennisontwikkeling; 

- voorbereiding op het vervolgonderwijs en de arbeidsmarkt. 

 

a) persoonlijke ontwikkeling 

De kennis van moderne vreemde talen draagt bij aan de persoonlijke ontwikkeling van de leerling. 

Een nieuwe taal leren, maakt leerlingen nieuwsgierig naar andere manieren om zich te uiten; door de eigen taal en cultuur met die van een ander te vergelijken, werken ze aan hun identiteitsontwikkeling. Talen leren nodigt uit tot reflectie: hoe verhoud ik mij tot anderstaligen, en wat is dan belangrijk voor mij en voor de ander?

Talen leren draagt tevens bij aan de cognitieve ontwikkeling: het bevordert logisch ordenen, kritisch en probleemoplossend denken en het gebruik van de communicatieve vaardigheden. Doordat leerlingen al vroeg kennismaken met een vreemde taal, beseffen zij dat er andere talen bestaan naast hun eigen eerste taal. Het leren van andere talen stelt leerlingen in staat om verbanden te leggen tussen talen, en daarmee bewust te worden van hoe talen werken. Dit kan uiteindelijk bijdragen aan de ontwikkeling van een m analytisch en interpreterend vermogen. Taalbewustzijn helpt de leerling leerstrategieën te ontwikkelen die het later gemakkelijker zullen maken om andere talen te leren. 

Het kunnen communiceren in een vreemde taal kan persoonlijke voldoening en verrijking geven en zelfredzaamheid vergroten. Het doet een beroep op samenwerking en stimuleert de creativiteit. Het helpt tevens mee aan het opbouwen van vertrouwen in de communicatie binnen internationale contexten. Dit vermindert de taalangst, biedt ruimte voor het ontwikkelen van zelfvertrouwen en kan het taalplezier vergroten. Een nieuwe taal goed leren beheersen vraagt om wilskracht en doorzettingsvermogen. 


b) intercultureel begrip 

Het beheersen van meerdere talen is een middel om actief te participeren in interculturele (digitale) uitwisselingen binnen en buiten Europa. Door in een vreemde taal te communiceren met gebruikers van die taal kan de leerling een andere cultuur daadwerkelijk beleven. De leerling maakt kennis met andere sociale, economische, historische en culturele perspectieven die terugkomen in talen. Hij/zij wordt uitgenodigd om te reflecteren op de culturele diversiteit die zich uit in omgangsvormen en sociale verhoudingen, en wordt gestimuleerd om zich flexibel en open op te stellen ten opzichte van de andere cultuur. Het kunnen communiceren in een vreemde taal bevordert ook bij jonge kinderen sociaal initiatief en kan bijdragen aan het vergroten van intercultureel begrip en tolerantie. Literatuur, film, muziek en allerlei vormen van digitale communicatie dragen bij aan de beleving van een andere cultuur. 


c) kennisontwikkeling 

De beheersing van andere talen naast de eigen taal geeft toegang tot allerlei informatie van verschillende complexiteit die internationaal beschikbaar is over uiteenlopende onderwerpen - van de instructies over een computergame tot de bespreking van internationale thema’s. Mondiale vraagstukken zoals globalisering, technologie en duurzaamheid worden in literatuur en (sociale) media in meerdere talen besproken. Voor de toegang tot wetenschappelijke bronnen is Engels onmisbaar, toch vaak niet toereikend: meer dan een derde van de wetenschappelijke literatuur over verschillende leergebieden is wereldwijd in een taal geschreven anders dan het Engels. 

De toegang tot internationale bronnen draagt bij aan de kennisontwikkeling van de leerling op alle niveaus. 


d) voorbereiding op het vervolgonderwijs en de arbeidsmarkt 

De beheersing van het Engels en van andere talen kwalificeert voor de internationale arbeidsmarkt: een meertalig repertoire bevordert de internationale communicatie in het belang van de economie en het bedrijfsleven en is belangrijk voor internationale samenwerking. Het maakt tevens mogelijk om studie-, stage- en werkervaringen over de grens op te doen. Engels vervult vaak de rol van de zogenaamde lingua franca: leerlingen zullen het Engels ook gebruiken in allerlei situaties waarin Engels de gemeenschappelijke taal is van twee sprekers van andere talen. Dit kan resulteren in een vereenvoudigd gebruik van het Engels (global English). In veel contexten kan de lingua franca ook een andere taal zijn. Kennis van vreemde talen is een vereiste bij veel vervolgopleidingen op alle niveaus. 

Wat hoort bij de inhoud van de MVT-curricula? 

Het leergebied moderne vreemde talen bestaat in Nederland op dit moment uit de talen met een eindexamenprogramma, te weten Engels, Arabisch, Chinees, Duits, Frans, Italiaans, Russisch, Spaans en Turks. De inhoud van het leergebied dient in de behoeften van de moderne maatschappij te voorzien. De belangrijkste vakinhoudelijke elementen van dit leergebied zijn communicatieve taalvaardigheden, sociale, culturele en taalkundige inhouden, die in de samenleving vaak in samenhang worden ingezet. We beschrijven ze hier in aparte paragrafen, wat echter niet betekent dat ze gescheiden van elkaar kunnen worden gezien. 

a) Talen in communicatief perspectief 

In het vreemdetalencurriculum nemen communicatieve taalvaardigheden een prominente plaats in: receptie (lezen en luisteren), productie (schrijven en spreken), interactie (schriftelijk en mondeling) e de zogenaamde mediation (verwerking van van inhoud uit bestaande teksten om communicatie toegankelijker te maken, zoals in samenvattingen, toelichtingen etc.). 

Taalvaardigheden worden in het dagelijks leven ingezet in verschillende persoonlijke, publieke, educatieve en later ook arbeidsgerelateerde contexten. Vreemdetalenonderwijs wordt voor leerlingen betekenisvol wanneer ze ermee kunnen communiceren over dingen die voor hen relevant zijn. Een verrijkte, inhoudsgerichte en betekenisvolle taalinput, bestaande uit een diversiteit aan (digitale) teksten, maakt talen leren dan zinvol. 

Bij het leren van een taal is interactie cruciaal. Samen werken en samen leren spelen daarbij een belangrijke rol. Het leren van vormaspecten van de taal, zoals woordenschat en grammatica, staat in dienst van de communicatie. Het niveau en de complexiteit van het taalgebruik bij alle taalvaardigheden worden beïnvloed door de mate van beheersing van de vormaspecten van taal. 

b) Talen in intercultureel perspectief 

Taal is ook een sociaal en cultureel fenomeen: het gebruik van woordenschat, structuren, registers en conventies weerspiegelt de cultuur van de taalgebruikers en varieert daarom per taal. Allerlei vormen van audiovisuele en geschreven teksten, ook digitaal, ervaringen met internationale contacten binnen en buiten de les zijn niet alleen taal- maar ook cultuuruitingen. Het reflecteren daarop helpt de cultuur van de sprekers van de vreemde taal te begrijpen, inclusief de waarden en attitudes die taaluitingen weerspiegelen. 

Daarmee vervult het vreemdetalenonderwijs een maatschappelijke functie: het effectief leren omgaan met verschillen en het communiceren in verschillende communicatieve contexten en situaties waarin de cultuur van de leerlingen en die van de vreemdetaalgebruikers met elkaar in aanraking komen. 


c) Talen in (meta)cognitief perspectief 

Een belangrijk onderdeel van het vreemdetalenonderwijs is het leren nadenken over klank, vorm en betekenis van woorden en uitdrukkingen. Leerlingen worden zich bewust van hoe talen werken door verschillen en overeenkomsten tussen structuren en uitdrukkingen van verschillende talen te leren herkennen. Dat is op alle niveaus van het onderwijs relevant en het leert leerlingen talen in samenhang te zien. Leerlingen leren zich strategieën eigen te maken die het leren van andere talen vergemakkelijken. Ze leren bovendien probleemoplossend en analytisch denken. 

Aandacht voor taalstructuren ondersteunt de ontwikkeling van de communicatieve vaardigheden en kan het beheersingsniveau verhogen. In het beginstadium van het leren van een vreemde taal staan het spelenderwijs ontdekken van hoe talen in elkaar zitten en het opbouwen van woordenschat centraal. Leerlingen worden daarmee gestimuleerd zich open te stellen voor het leren van vreemde talen. 

Het Europees Referentiekader als beschrijvingskader 

Het Europees Referentiekader (ERK) is een raamwerk dat zes niveaus van beheersing beschrijft voor de verschillende taalvaardigheden. Het ERK dient als uitgangspunt om tot een gemeenschappelijk beschrijvingskader te komen voor zowel leerling als leraar. Het zorgt voor samenhang in de beschrijving van curricula voor alle moderne vreemde talen zowel in het primair als in het voortgezet onderwijs. Het gebruik van het ERK in het hele onderwijs zorgt bovendien voor transparantie en vergelijkbaarheid van de taalniveaus van de leerling binnen Europa en biedt inzicht in de doorlopende leerlijn. De uitwerkingen van de grote opdrachten van dit leergebied hebben het ERK in zijn geactualiseerde versie van 2017 (2018, jm) als uitgangspunt genomen. 

Opbouw van de talencurricula 

De kernelementen van het leergebied die hierboven zijn beschreven, vormen het aanbod van de vreemdetalencurricula. Uitwerkingen en accenten worden afgestemd op het niveau van de leerlingen en van het onderwijs. 

Het leren van een vreemde taal begint voor veel kinderen op de basisschool waar de leerling kennis maakt met Engels en eventueel andere talen. Alle leerlingen werken daarbij ook verder aan het verwerven van het Nederlands. De nadruk bij het jonge kind ligt op de vaardigheden spreken, gesprekken voeren en luisteren en op het ontwikkelen van een positieve attitude ten opzichte van het leren van talen. Daartoe is de focus op communicatie essentieel. 

Het talenaanbod krijgt betekenis voor de leerling als het inspeelt op zijn niveau, en als het aansluit bij zijn belevingswereld, kwaliteiten en behoeften voor zijn persoonlijke en sociale ontwikkeling en zijn kwalificatie. Dit komt terug in de keuze van doelen, contexten en situaties waarvoor de vreemde taal wordt gebruikt. Leerlingen leren de juiste vaardigheden en taalkennis (ook vaktaal) in te zetten die voor specifieke doelen en situaties relevant zijn. De ontwikkeling van de vreemde taal wordt opgebouwd vanuit beperkte, concrete, eenvoudige en alledaagse, naar steeds meer, algemene en complexe situaties en communicatieve doelen. Langs diezelfde lijn ontwikkelt zich ook de beheersing van de taalstructuur: van eenvoudig en impliciet naar complex, bewust en accuraat in gebruik. Tegelijkertijd breidt het publiek zich uit waarmee de leerling schriftelijk en mondeling communiceert. Contexten, situaties, doelen en publiek zijn voor de leerling telkens relevant voor het bevorderen van zijn persoonlijke ontwikkeling, maatschappelijke toerusting en 5 

kwalificatie. Het bewust worden van hoe talen werken kan al op jonge leeftijd starten en begint met het op speelse manier herkennen van verschillen, overeenkomsten en patronen in woorden en klanken bij concrete alledaagse uitingen in verschillende talen. Taalbewustzijn ontwikkelt zich verder samen met de taalvaardigheden in de vreemde taal door vormaspecten steeds meer te leren vergelijken, begrijpen en analyseren, totdat de leerling ze zelf kan gebruiken voor verwerking van betekenis en in zijn eigen gebruik van een vreemde taal. Taalkundige inhouden krijgen pas betekenis als hun functionele rol voor het slagen van de communicatie helder is. 

Leerlingen bouwen steeds voort op wat zij hebben geleerd. Er wordt hun de mogelijkheid geboden om naast het Engels ook andere talen te leren. Voor elke leerling wordt het - conform de Europese richtlijnen - mogelijk gemaakt om minimaal één moderne vreemde taal naast het Engels te leren, ongeacht het type opleiding. Voor sommige leerlingen zal dit de Nederlandse taal zijn. Het aantal talen, de taalkeuze en het niveau waarop talen worden beheerst, verschillen per leerling en zijn afhankelijk van persoonlijke, werk- of vervolgopleiding gerelateerde factoren, geografische noodzaak (zoals grensgebieden), ambitieniveau en het niveau van het onderwijs. 

Het leren van een tweede, derde of vierde vreemde taal vindt plaats in een vergelijkbare opbouw. In de talencurricula wordt aandacht besteed aan de ontwikkeling van een gevoel voor taal en het bewust worden van overeenkomsten en verschillen tussen talen, wat de samenhang tussen de taalvakken bevordert. 

In het nieuwe curriculum komt voor de moderne vreemde talen het individuele leerproces van de leerling centraal te staan in een doorlopende leerlijn van primair naar voortgezet onderwijs. Het begin- en eindniveau zijn afhankelijk van wat leerlingen nodig hebben voor hun vervolgopleiding of beroep en van hun persoonlijke leerdoelen. Ook de aandacht voor de verschillende vaardigheden kan daardoor variëren. Het leren van talen speelt tevens in op de persoonlijke talenten van de leerling. Op alle niveaus van het onderwijs wordt rekening gehouden met het cognitieve ontwikkelingsniveau van de leerling, zijn taalachtergrond, culturele bagage en identiteitsontwikkeling. Leerlingen worden in het onderwijs gestimuleerd en gefaciliteerd het aantal talen te leren en het beheersingsniveau te behalen dat voor hen maximaal haalbaar is. 

Samenhang met andere leergebieden 

Het leergebied Engels/MVT heeft grote raakvlakken met het leergebied Nederlands. Daarbij ligt het accent van Engels/MVT op interculturele en grensverleggende communicatie, terwijl dat van Nederlands zich op volwaardige participatie in de Nederlandse samenleving richt. 

Moderne vreemde talen worden betekenisvol voor de leerling als er ook verbindingen worden gezocht met contexten zowel binnen het leergebied MVT als met andere leergebieden. Omdat talen dragers van cultuur zijn, en ze vanuit een sociaal en (intercultureel) perspectief bijdragen aan de ontwikkeling van actief Europees en wereldburgerschap, is de link met de leergebieden mens & maatschappij en burgerschap zinvol en wenselijk. 

Het narratief gebruik van een vreemde taal is een creatieve expressievorm en heeft daardoor raakvlakken met kunst. Verhalen in woord en schrift kunnen verwerkt worden in klank, beeld en drama.

De digitalisering van informatie en communicatie heeft invloed op talen: in de ontwikkeling van woordenschat en conventies en in het vormgeven aan communicatie. In de digitale communicatie in de vreemde taal neemt digitale geletterdheid een belangrijke plaats in. 

Ten slotte bevordert het gebruik van bronnen die betrekking hebben op andere leergebieden in de vreemde taal de ontwikkeling van de beheersing van die taal. 




 


jonomul@me.com      2019    Jan Mulder  JM